community in transition
25 juli 2019 | Angelita Kappers

Welke competenties zijn er nodig bij wind op zee? Rapport in opdracht van RVO door ECHT en Qeam

TKI Wind op Zee nieuwsbericht 9 juli 2019

Wind op zee speelt een grote rol in de energietransitie. Voor de bouw en het onderhoud van windparken op zee is veel personeel nodig, met specifieke competenties. Maar hoeveel personeel precies? En welke competenties moeten zij hebben? Het rapport ‘Employment analysis (2019-2023) of various fields of activities in the Dutch offshore wind sector’ geeft antwoord. De belangrijkste conclusies worden op 10 juli gepresenteerd in Rotterdam, tijdens de Netherlands Offshore Wind Q-meeting.

‘Dit rapport is belangrijk’, zegt John Baken. Hij is projectmanager bij TKI Wind op Zee, dat samen met RVO.nl opdracht gaf aan Erik Knol (Qeam) en Erwin Coolen (ECHT) voor het onderliggende onderzoek. ‘Zo hebben we geleerd dat voor de bouw van de windparken de komende vijf jaar ongeveer 2.500 mensen nodig zijn. En in de operationele fase – die minimaal twintig jaar duurt – moet er voor beheer en onderhoud een personeelsbestand zijn van 320 fte. Getallen waar we eerder nog geen zicht op hadden.’

Bij al deze banen horen specifieke taken, verantwoordelijkheden en competenties. ‘Eén van de uitkomsten van ons onderzoek is dat Engelstalig onderwijs op mbo en hbo-niveau noodzakelijk is’, vertelt Erwin Coolen, onderzoeker en offshore windexpert. Ondanks dat het reguliere onderwijs met het huidige aanbod voorziet in de benodigde vaardigheden zijn is er ook een noodzaak voor speciale onderwijsprogramma’s voor zeer specialistische functies. Die programma’s komen er alleen als onderwijsinstellingen daarvoor nauw samenwerken met de industrie.’

Informatie ophalen en vertalen

Coolen vertelt dat dit onderzoek bottom-up uitgevoerd is. ‘We analyseerden bestaande windparken vanuit het personeel. Hoeveel mensen werken er in de constructiefase en de operationele fase? Op welke manier en niveaus gaan ze met elkaar om? Om deze informatie te krijgen, interviewden we medewerkers van offshore bedrijven en organiseerden we workshops met hen. We zetten de antwoorden op een rij en vroegen om feedback op onze resultaten. Of we stelden ze verdiepende vragen.’

Met de kennis die ze zo opdeden, gingen de onderzoekers naar onderwijsinstellingen. ‘Ook voor hen organiseerden we workshops’, vertelt Knol, onderzoeker. ‘We vroegen of ze zich herkenden in wat we in het veld hadden gevonden. En wat ze vonden van de competenties die we daaraan koppelden. Ze gaven ons terug blij te zijn met de informatie. Ze zien namelijk de vraag naar offshore windpersoneel hard groeien, maar weten tegelijkertijd niet hoe zij hun opleidingen het best kunnen aanpassen aan veranderende omstandigheden.

Incidenteel of structureel werk

‘Wij hebben als industrie continu te maken met dreigende personeelstekorten. Daarom werkten wij graag aan dit rapport mee.’ Aan het woord is David Pieter Molenaar, CEO bij Siemens Gamesa, de windmolentak van Siemens. ‘Wij kunnen concrete cijfers en resultaten bieden van de windmolenparken waaraan wij hebben bijgedragen. We weten precies wat er gebouwd is, hoeveel uur werk dat gekost heeft en welk soort professionals er in welke mate voor nodig waren. Dat helpt een realistisch beeld te schetsen van wat je bij toekomstige parken nodig hebt.’

Baken benadrukt dat je bij het schetsen van dit beeld goed onderscheid moet maken tussen incidenteel en structureel werk. ‘Dat onderscheid brengt dit rapport mooi in kaart.’

Voorbereiden op de toekomst

In het rapport staat onder andere de aanbeveling voor de industrie om een human-capital-plan op te stellen: een plan om te zorgen voor een continue instroom van personeel. ‘Daar zijn we bij Siemens volop mee bezig’, vertelt Molenaar. ‘Bijvoorbeeld door studenten stages en afstudeeropdrachten te bieden. Maar ook door docenten uit te nodigen op ons trainingscentrum, om ze te laten zien hoe wij opleiden. Daarnaast informeren we studenten over wat offshore werk inhoudt, inclusief de vele veiligheids- en documentatieregels. Dankzij die duidelijkheid weten studenten beter waar ze aan toe zijn.’

Baken vertelt dat de uitkomsten van het rapport onderwijsinstellingen kunnen helpen hun opleidingsstrategie te bepalen. ‘Maar ook voor de overheid en de industrie zijn interessante aanbevelingen gedaan. Nu is het aan de overheid, industrie en het onderwijs om een plan voor de toekomst op te stellen.’

Meer weten?

U kunt het rapport ‘Employment analysis (2019-2023) of various fields of activities in the Dutch offshore wind sector’ hier downloaden.

Reageren?

© 2019 creaza / ECHT