community in transition
25 maart 2020 | Suuz Kamper

NVDE stelt een oplossingspakket voor de netwerkproblematiek voor

De Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) is dé organisatie van ondernemers in duurzame energie in Nederland. Ongeveer twee derde van de hernieuwbare energieconsumptie in Nederland wordt door NVDE-leden opgewekt, van windenergie op zee tot geothermie en zonnevelden. Ze verzorgen bij elkaar de energievoorziening voor miljoenen Nederlanders en doen onderzoek en advieswerk.

Op 19 november 2019 stelt de NVDE een oplossingspakket voor de netwerkproblematiek voor. De Nederlandse Vereniging Duurzame Energie stelt in deze notitie oplossingen voor om de problematiek rondom het tekort aan netcapaciteit in het elektriciteitsnet aan te pakken. Daarmee kunnen we duurzame elektriciteit verder laten groeien in Nederland.

1. Zorg voor een snelle invoering van de AMvB uitvalsituaties. Momenteel geldt de regel dat het landelijk hoogspanningsnet zo moet zijn ontworpen, dat transport ook bij uitvalsituaties is verzekerd. Dit wordt wel de enkelvoudige storingsreserve genoemd en betekent dat er altijd een extra lijn aanwezig is. Minister Wiebes heeft aangekondigd dat er een Algemene Maatregel van Bestuur aankomt, waarin staat dat voor transport van productie van elektriciteit deze regel niet geldt. Hierdoor komt er meteen extra capaciteit beschikbaar in het bestaande netwerk: 50% in het hoogspanningsnet en zo’n 30% in het middenspanningsnet. Deze AMvB moet zo snel mogelijk worden ingevoerd. NVDE pleit voor een voorhang van de AMvB uiterlijk in december, zodat deze begin volgend jaar in werking kan treden.

2. Maak statisch curtailment mogelijk door een jaar extra banking in de SDE+. Door een zonneproject aan te sluiten op 70% van het geïnstalleerd vermogen, kunnen er meer projecten worden aangesloten. Voor de gederfde inkomsten geldt dan een jaar extra banking in de SDE+. Dit wordt uiteraard verrekend met de lagere kosten voor de netaansluiting. Voor de langere termijn bieden opslag en conversie oplossingen (zie punt 7 van dit document).

3. Verleng de beschikkingsperiode tot ingebruikname voor projecten die uit de termijn dreigen te lopen. Dit geldt voor projecten met uitzicht op aansluiting binnen een paar jaar. 700 MW aan zonneprojecten dreigt in 2020 de SDE+-beschikking te verliezen, omdat de aansluiting nog niet gereed is. Dit betreft met name dakprojecten. Door verlenging van de realisatietermijn hoeven deze projecten, waar al voorinvesteringen voor zijn gedaan, hun subsidiebeschikking niet te verliezen. Vanzelfsprekend staat daar tegenover dat de SDE+-vergoeding wordt aangepast, door geactualiseerde prijzen of een kortere looptijd.

4. Verbeter de transportindicatie. Het principe dat er geen SDE+-beschikkingen dienen te worden afgegeven voor projecten die niet gerealiseerd kunnen worden vanwege gebrek aan netcapaciteit wordt algemeen aanvaard. Het instrument dat hiervoor gekozen is, de transportindicatie, waarin de netbeheerder aangeeft of er wel of geen ruimte is in het betreffende netdeel, kan beter. Dat kan met name door meer transparantie te geven. Daar kunnen netbeheerders en marktpartijen samen aan werken. Netbeheerders kunnen aangeven onder welke voorwaarden er nog wel een positieve indicatie kan worden afgegeven. Tevens zou moeten worden geborgd dat de ACM onderzoek kan doen naar de uitgevoerde onderzoeken naar de mogelijkheden voor congestiemanagement.

5. Voer de wensweek in. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er een vooraf afgesproken wensweek komt. Daarmee wordt het voor netbeheerders mogelijk om efficiënter te plannen en voor marktpartijen helderder wat er verwacht kan worden.
6. Aan de slag met “verzwaren tenzij”. Netbeheerders kunnen middels een transparante

tender flexibiliteit inkopen. Als dat goedkoper is dan een verzwaring, kan dit ingezet worden. Hiervoor dient een uniforme aanpak ontwikkeld te worden. Bij netbeheerders komt zo meer ruimte vrij bij hun mensen om zich elders in te zetten voor verzwaring.

7. Jaag innovatie in conversie, opslag en demand response aan. Op korte termijn kunnen onnodige belemmeringen in wet- en regelgeving worden weggenomen. Aanjagen geschiedt tevens middels innovatiesubsidies.

8. Laat marktpartijen de aansluiting zelf aanleggen, waarna de netbeheerder dit tegen
kostprijs overneemt. Vanaf 10 MVA is het mogelijk dat een ontwikkelaar zelf de aansluiting aanlegt, mits dit voldoet aan de specificaties van de netbeheerder. Dan hoeft de netbeheerder daar geen capaciteit voor in te zetten, maar wordt dit feitelijk ge-outsourced. Vervolgens kunnen er afspraken worden gemaakt over de overname door de netbeheerder van de aansluiting. Marktpartijen en netbeheerders bezien tevens welke samenwerking nog meer mogelijk is op het gebied van arbeid en hardware.

9. Maak ruimte om proactief te investeren. De Regionale Energiestrategieën bieden hiervoor een goede basis. Door de locaties zo specifiek mogelijk te maken, kunnen netbeheerders beter anticiperen. Andersom moet de bestaande infrastructuur onderdeel zijn van de locatieafweging. Op basis hiervan is een strategische netplanning mogelijk, waarmee proactief kan worden geïnvesteerd. De tweejaarlijkse investeringsplannen van de netbeheerder zullen hierin een belangrijke rol gaan spelen.

10. Richt een Transitieteam Deltaplan Systeem en Infra in. Ons energiesysteem verandert fundamenteel. We gaan naar 70% hernieuwbare elektriciteit in 2030. Daarnaast verandert de grootte en het patroon van de vraag. Dat alles betekent dat er ook anders naar de netinfrastructuur gekeken moet worden. In plaats van de organische groei van onderaf, is een meer regisserende blik van bovenaf noodzakelijk. Door ons samen voor te bereiden op de toekomst, met netbeheerders, marktpartijen en overheden, kunnen we kosten besparen en het duurzame energiesysteem van de toekomst mogelijk maken.

Bron: NVDE

Reageren?

© 2020 creaza / ECHT